Referenties

Amendement: inkeerregeling alleen afgeschaft voor zwartspaarders

1 december 2017

Aanvankelijk zou de inkeerregeling per 1 januari 2018 geheel worden afgeschaft. Vervolgens is bepaald dat er een inkeerregeling overgangsregeling zal gelden geheel 2018. En door een amendement van Pieter Omtzigt wordt bewerkstelligd dat de inkeerregeling alleen wordt afgeschaft voor zwartspaarders. Dit betekent dat bij verzwegen inkomen uit sparen en beleggen dat in het buitenland is opgekomen dus geen inkeerregeling meer bestaat als de overgangsregeling ten einde is. Er zullen dan ook over de laatste twee jaar boetes gelden vanaf 150%. Ook kan er strafvervolging plaatsvinden. Indien echter binnen twee jaar na een onjuiste aangifte alsnog een correcte aangifte wordt ingediend betreffende in Nederland opgekomen vermogen blijven de twee meeste recente jaar wel boetevrij. Voor inkomen uit box 1 en 2 geldt de inkeerregeling nog wel.

De overheid maakt hiermee opnieuw duidelijk onderscheid tussen goede en kwade intenties van belastingplichtigen. Overeind blijft daarom dat belastingplichtigen die vrijwillig binnen twee jaar na een onjuiste aangifte alsnog zelf aangifte doen geen boete krijgen. Omtzigt vreest namelijk dat indien deze twee boetevrije jaren zouden vervallen, veel mensen juist geen vrijwillige verbetering zullen indien. “Mogelijk zijn belastingplichtigen niet op de hoogte van de beperking dat een vergrijpboete alleen worden opgelegd bij opzet of grove schuld. Ook kan de belastingplichtige vrezen dat hij de schijn tegen heeft of dat de inspecteur van mening zal zijn dat er opzet in het spel is.” merkt Pieter Omtzigt op. Met het amendement wil Omtzigt dus voorkomen dat er uit vrees voor een hoge boete juist minder belastingplichtigen fouten in de aangifte zullen herstellen. Deze coulance geldt dus niet voor buitenlands vermogen. Het amendement bepaalt zoals vermeldt dat de inkeerregeling wel wordt afgeschaft ter zake van verzwegen inkomen uit sparen en beleggen dat in het buitenland is opgekomen. Ook wordt bepaald dat in deze gevallen strafvervolging mogelijk is.