Het komt voor dat belastingplichtigen van de Belastingdienst te horen krijgen dat er geen aangifte gedaan hoefde te worden, terwijl het in de gegeven situatie wel verplicht was of juist gunstig was.
Bijvoorbeeld voor een buitenlands belastingplichtige met Nederlands onroerend goed, of iemand met persoonsgebonden aftrekposten.
Dit jaar heeft de Belastingdienst aangegeven dat sommige gegevens in de vooringevulde aangifte onjuist kunnen zijn, onder meer met betrekking tot een buitenlandse bankrekening. De meeste aftrekposten worden hierin ook niet meegenomen. Of u nu een bericht ontvangen heeft of niet, het is altijd verstandig om goed te kijken naar uw fiscale situatie, en of u nog besparingsmogelijkheden heeft. Berichten die u via de digitale Berichtenbox ontvangt, worden overigens ook nog per post verstuurd.
Wij vragen voor onze cliënten een doorlopende machtiging aan bij de Belastingdienst in plaats van de jaarlijkse machtigingen; uiteraard kan deze op enig moment weer opgezegd worden.
Indien u een brief krijgt met een code voor het aanvragen van doorlopende machtigingen, ontvangen wij deze graag van u zodat wij de (aanvraag voor de) doorlopende machtiging kunnen activeren. Deze machtiging is onder meer nodig voor de ontvangst van kopie aanslagen van de Belastingdienst in ons softwareprogramma. Overigens ontvangen wij graag alsnog per e-mail kopieën van de papieren aanslagen die u ontvangt, om zeker te maken dat deze tijdig gecontroleerd worden en er geen bezwaartermijnen verlopen.
Mocht u overigens geen uitnodiging tot het doen van aangifte ontvangen hebben, maar ontvangt u deze later in het jaar wel, dan verzoeken wij u dit aan ons te laten weten. Voor deze aangiften zullen wij namelijk los uitstel aan moeten vragen voor de indiening.
Wij verzoeken u om ook informatie over uw cryptovaluta aan ons door te geven voor de aangifte IB 2025.
Cryptovaluta behoren bij het vermogen en het is verplicht om dit in Box 3 aan te geven. Wij hebben hiervoor de waarde per 1-1-2025 en 31-12-2025 nodig. Daarnaast ontvangen wij graag een overzicht van de aan- en verkopen gedurende 2025 voor de bepaling van het werkelijke rendement. Ook indien u over eerdere jaren uw cryptovaluta niet heeft opgegeven is het verstandig om dit alsnog op eigen initiatief te corrigeren. Wij kunnen u ook hierin van dienst zijn. De fiscus heeft namelijk sinds kort bevoegdheid om zelf te kijken hoeveel vermogen een belastingplichtige aan cryptovaluta heeft, op basis van een nieuwe EU richtlijn over gegevensuitwisseling. Hetzelfde is overigens ook van toepassing bij overig niet-aangeven buitenlands vermogen. Mocht het voor u niet mogelijk zijn om de historische waarde van uw cryptovaluta in te zien, raden wij u aan elk jaar op 1 januari een screenshot te maken van uw portefeuille.
Volgens de belastingrenteregels, zal de Belastingdienst vanaf 1 juli 2026 rente berekenen over een te betalen bedrag voor de aangifte 2025.
Deze rente bedraagt momenteel 5%. Het hogere rentepercentage voor de Vennootschapsbelasting is recent onverbindend verklaard. Derhalve geldt nu hiervoor hetzelfde percentage als voor andere belastingsoorten. Verwacht u een hoge aanslag en wilt u de rente hierover vermijden, neem dan contact op voor het aanvragen van een voorlopige aanslag. Om rente te voorkomen, dient de voorlopige aanslag vóór 1 april aangevraagd te zijn. In geval van een teruggave vergoedt de Belastingdienst zeer beperkt rente.
Indien u per 1 januari 2025 contant geld in huis heeft dat de drempel van € 661,– (€ 1.322,– voor fiscale partners) te boven gaat dient dit in box 3 aangegeven te worden. Contant geld valt onder vermogenscategorie 1 en wordt dus op dezelfde manier belast als banktegoeden.
In beginsel geldt er in 2025 een box 3-heffing over het vermogen op basis van een fictief rendement. Voor banktegoeden geldt een lager fictief rendement van 1,37% en voor overig vermogen een hoog rendement van 5,88%. Voor schulden wordt rekening gehouden met een negatief rendement van 2,70%. Het heffingsvrij vermogen is € 57.684 per persoon en wordt berekend tegen een gewogen gemiddeld tarief. Vervolgens wordt het berekende fictieve rendement belast met 36% box 3-heffing.
Werkelijk rendement
In 2024 heeft de Hoge Raad beslist dat het bovenstaande forfaitaire systeem onvoldoende rekening houdt met het eerdere Kerstarrest en dat alsnog moet worden uitgegaan van het werkelijk genoten rendement op het vermogen. Op basis hiervan is een nieuw heffingssysteem ontwikkeld waarbij wel meer wordt uitgegaan van het werkelijk rendement. Als dit systeem gunstiger is dan het forfaitaire systeem, kan alsnog hiervoor gekozen worden. Aangezien ook (ongerealiseerde) vermogensstijgingen, bijvoorbeeld van aandelen of WOZ-waarde van woningen worden meegenomen, is dit systeem zeker niet altijd voordeliger.
Uitwerking aangifte 2025
Zoals in de inleiding vermeld is het in de aangifte 2025 mogelijk om direct te kiezen voor box 3-belasting op basis van werkelijk rendement in plaats van het huidige systeem gebaseerd op fictief rendement. Indien u verwacht dat werkelijk rendement voor u voordeliger kan zijn voor 2025 ontvangen wij graag de relevante gegevens voor het werkelijk rendement. Hiervoor zijn met name van belang de overzichten van beleggingen met de stortingen en/of opnames en de dividenden alsmede de huurinkomsten voor onroerend goed.
Hieronder volgt per vermogenscategorie een uitgebreidere toelichting van de benodigde informatie voor het werkelijk rendement:
Bank- en spaartegoeden: Hier wordt gekeken naar de rente-inkomsten die u daadwerkelijk hebt ontvangen. Dit vraagt om een overzicht van alle tegoeden en bijbehorende jaaroverzichten. Indien de rekening in vreemde valuta is, dienen de transacties in het jaar omgerekend te worden naar euro’s teneinde het valutakoersresultaat te bepalen.
Beleggingen (aandelen, obligaties, beleggingsfondsen, etc.): Hier dienen zowel dividenden en andere inkomsten als gerealiseerde en ongerealiseerde koerswinsten (of verliezen) te worden vastgesteld. Dit betekent dat alle aan- en verkopen van effecten in kaart moeten worden gebracht, inclusief transactiedata en -waarden. Indien de rekening in vreemde valuta is, dienen de transacties in het jaar omgerekend te worden naar euro’s teneinde het valutakoersresultaat te bepalen.
Onroerend goed (niet zijnde eigen woning): Voor verhuurd vastgoed moeten wij de huurinkomsten berekenen, alsmede eventuele (gerealiseerde en ongerealiseerde) waardeveranderingen. Hier spelen ook specifieke waarderingsregels mee, zoals de leegwaarderatio en WOZ-waarde. Bij tussentijdse wijzigingen zoals aankoop of verkoop worden de waardeveranderingen tijdsevenredig berekend.
Vorderingen en schulden: De rente-inkomsten of -lasten dienen hier in kaart gebracht te worden, evenals eventuele aflossingen of waardeveranderingen. Indien er sprake is van vreemde valuta, dient ook het valutakoersresultaat bepaald te worden.
Overige bezittingen en vermogensbestanddelen: Denk hierbij aan contanten, crypto-activa of waardevolle bezittingen. Ook hiervoor moeten de juiste waarderingen en inkomsten worden vastgesteld volgens de geldende regelgeving.
Als er nog vragen zijn met betrekking tot het werkelijk rendement en/of de hiervoor benodigde informatie, kunt u altijd contact opnemen met ons kantoor.
Voor de jaren 2021 t/m 2024 is ook mogelijk om voor box 3-belasting op basis van werkelijk rendement te kiezen. Mocht dit voor u nog niet nagegaan zijn voor deze jaren vernemen wij dat graag, dan kunnen wij de mogelijkheden in kaart brengen. Mogelijk zal hiervoor nog verdere informatie voor nodig zijn.
Om de veilige overdracht van zwaardere bestanden en documenten te kunnen garanderen, maken wij gebruik van Secudoc.
Om de veilige overdracht van zwaardere bestanden en documenten te kunnen garanderen, maken wij gebruik van Secudoc. Indien u uw bestanden via Secudoc wilt verzenden, kunt u ons per email een verzoek sturen. U ontvangt dan een link die naar de Secudoc-uploadpagina leidt. Nadat u uw bestanden heeft geüpload, kunnen we uw geüploade bestanden alleen downloaden met tweestapsverificatie. Het gebruik van Secudoc is ook praktisch bij een groot aantal of zwaardere bijlagen die niet in één e-mail verstuurd kunnen worden.
Voor ondernemers is het voor toepassing van de zelfstandigen- en startersaftrek en speur- en ontwikkelingsaftrek nog altijd van belang dat aan het urencriterium voldaan wordt (1.225 uur per jaar).
De zelfstandigenaftrek is afgelopen jaren fors verlaagd en bedraagt in 2025 nog € 2.470,–; de startersaftrek € 2.123,–. Voor ondernemers is het voor toepassing van de zelfstandigen- en startersaftrek en speur- en ontwikkelingsaftrek nog altijd van belang dat aan het urencriterium voldaan wordt (1.225 uur per jaar). In geval van een deeltijdbaan erbij, dient als additionele voorwaarde meer tijd aan uw onderneming besteed te zijn dan aan de baan. Mocht er twijfel over deze punten kunnen bestaan, houdt dan de uren gerelateerd aan uw onderneming bij. De Belastingdienst kan vragen om een overzicht van de gewerkte uren; een na afloop van het jaar opgesteld en derhalve niet voldoende nauwkeurig overzicht wordt niet geaccepteerd.
De investeringsaftrekposten, MKB-winstvrijstelling (in 2025 12,7%) en willekeurige afschrijving zijn ook zonder urencriterium mogelijk. Voor energie- en milieu-investeringsaftrek, alsmede RDA (research en development) dient overigens meestal een aanvraag voor toepassing gedaan te worden vóórdat de uitgave gedaan wordt. Voor meer informatie over drempels, maxima en voorwaarden, verzoeken wij u om contact met ons op te nemen.
Contact
In de aangifte inkomstenbelasting 2025 bestaan de volgende aftrekposten om uw belastbaar inkomen te verlagen:
hypotheekrente van uw eigen woning
uitgaven voor inkomensvoorzieningen waaronder premies lijfrente
niet-vergoede ziektekosten (o.m. geneeskundige hulp, voorgeschreven medicijnen en reiskosten van ziekenbezoek)
onderhoudsverplichtingen aan ex-echtgenoot o.m. in de vorm van alimentatie
giften aan erkende charitatieve instellingen (zie de ANBI-lijst)
reiskosten voor regelmatig woon-werkverkeer per openbaar vervoer
weekenduitgaven voor gehandicapten
Let er op dat er voor een aantal aftrekposten een drempel of andere aanvullende voorwaarden bestaan, waardoor uw uitgaven mogelijk toch niet tot aftrek leiden. Denkt u voor een aftrekpost in aanmerking te komen, maar heeft u hier nog vragen over, neem dan gerust contact met ons op.
Internationale woon-werksituaties kunnen erg complex zijn. Zeker als u en uw partner zich moeten splitsen. Bijvoorbeeld indien u gaat werken en wonen in het buitenland, maar uw partner en eventuele kinderen blijven in Nederland wonen. Voor u lijkt het misschien logisch dat u zich uit Nederland uitschrijft indien u zelf naar het buitenland verhuist. Maar voor de fiscus is dat niet altijd logisch. Die ziet u als belastingplichtig in het land waar uw levenscentrum zich bevindt; een soort van ‘home is where the heart is’. En in de meeste gevallen is dat het land waarin uw partner woont, zeker indien u ook nog kinderen heeft die in Nederland naar school gaan, sporten etc. Dit kan behoorlijke fiscale gevolgen hebben, zeker indien u ook de vermogensredementheffing moet betalen.
Win advies in voor u zich uitschrijft
Vaak schrijft men zich vanzelfsprekend uit op het moment dat men in het buitenland gaat wonen en rekent dan al op het soms voordeligere belastingtarief dat daar geldt. Het is echter zeer aan te raden om fiscaal advies in te winnen voordat uw internationale woon-/werksituatie van start gaat. Zoals onderstaande persoon deed:
“Ik ga per 1 februari 2026 in de VAE werken. Ik zal nog wel regelmatig in Nederland zijn voor meetings, maar ga wonen in de VAE. Mijn partner werkt in Nederland en mijn kinderen gaan hier nog naar school. Zij blijven dan ook in Nederland wonen. Ik ben voornemens mij uit Nederland uit te schrijven, maar wil toch zeker weten of mijn inkomen in de VAE belastbaar is in Nederland.”
In dit geval konden wij deze persoon op tijd mededelen dat zijn banden met Nederland ook na december 2025 sterk zijn en dat dit zou kunnen betekenen dat de belastingdienst Nederland als het woonland/levenscentrum blijft zien. Het verdrag tussen de VAE en Nederland en wellicht verdere besluiten i.c. zullen bepalen hoe de belasting in Nederland wordt berekend.
In veel gevallen kunnen wij echter iemand hier pas op wijzen -soms jaren- nadat men zich gewoon heeft uitgeschreven, uitgaande van een belastingplicht in het buitenland. Zoals ook in onderstaande situatie:
“Ik woon en werk vanaf 2015 in Qatar, maar wil in 2026 gaan remigreren naar Nederland. Mijn partner en kinderen wonen sinds 2022 weer in Nederland in verband met studies. We hebben samen een eigen huis zonder hypotheek en ik heb spaargeld en pensioen opgebouwd in Qatar. Ik wil weten wat er gebeurt wat betreft belastingplicht indien ik weer in Nederland kom wonen.”
In dit geval is de kans groot dat de belastingdienst de situatie van deze persoon (nog) niet nader heeft beoordeelt. Terwijl er in feite al sprake is van belastingplicht in Nederland sinds partner en kinderen weer in Nederland kwamen wonen, omdat het levenscentrum vanaf toen in Nederland was. Wanneer de fiscus de situatie alsnog beoordeelt, zal met terugwerkende kracht in Nederland belasting verschuldigd zijn, ook over het opgebouwde vermogen en de eigen woning.
In sommige gevallen is sprake van scheiding van tafel en bed; maar dit is lang niet altijd het geval. De fiscus gaat hier niet altijd in mee en gaat vaak uit van een levenscentrum in Nederland als partner en kinderen daar wonen. Met een juiste presentatie en goede voorbereiding kan een en ander zo voordelig mogelijk worden vormgegeven. Elke situatie moet beoordeelt worden op basis van de feiten.
Wij gebruiken technologieën zoals cookies om informatie over uw apparaat op te slaan en/of te raadplegen. We doen dit met als doel om de beste ervaring te bieden en om gepersonaliseerde advertenties te tonen. Door in te stemmen met deze technologieën kunnen wij gegevens zoals surfgedrag of unieke ID's op deze site verwerken. Als u geen toestemming geeft of uw toestemming intrekt, kan dit een nadelige invloed hebben op bepaalde functies en mogelijkheden.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door je Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.