De mogelijkheid om te lenen van de eigen BV is beperkt als gevolg van de inwerkingtreding van de wet excessief lenen bij eigen vennootschap
Als een dga méér dan € 500.000 leent van de eigen BV, wordt het meerdere in box 2 belast (éénmalig). Het peilmoment is 31 december 2024. Eigenwoningschulden tellen niet mee voor de grens van € 500.000, als daarvoor een notariële hypotheekakte is gemaakt. In het geval van hoge leningen of rekening-courantschulden is het van belang om nog voor het einde van het jaar aflossingen te overwegen, dan wel geld te reserveren voor de belastingafrekening. Er gelden ook specifieke regels bij partnersituaties. Is uw schuld aan de BV hoger dan € 500.000,–? Neem contact op met ons kantoor om de mogelijkheden en gevolgen te bespreken.
Hier leest u verdere eindejaarstips. Begin 2025 goed met deze tips!
Algemeen
Verwacht u dat u over het belastingjaar 2024 of 2025 een hoger bedrag aan belasting moet betalen? Vraag tijdig een voorlopige aanslag aan, om belastingrente te besparen. U betaalt belastingrente als de aanslag over een bepaald jaar later dan 6 maanden na afloop van het betreffende kalenderjaar wordt opgelegd. De belastingrente is per 1 januari 2024 verhoogd naar 7,5%. Om er zeker van te zijn dat een voorlopige aanslag tijdig wordt opgelegd adviseren wij deze voor 1 april 2025 aan te vragen. De aanslag over het voorgaande jaar moet ineens betaald worden. De aanslag over het lopende belastingjaar mag u in termijnen betalen. Heeft u hierover vragen? Wij zijn u graag van dienst bij het aanvragen van een voorlopige aanslag.
Indien u verwacht nog een teruggave te ontvangen voor het jaar 2019, dient voor 31 december 2024 een aangifte Inkomstenbelasting over dit jaar ingediend te worden. In 2024 verloopt namelijk de 5 jaarstermijn voor het indienen van deze aangifte.
Als u in 2024 nog geen gebruikt heeft gemaakt van de algemene jaarlijkse schenkingsvrijstellingen, kan dit nog tot 31 december 2024.
Aftrekposten
Bundelt u voor zover mogelijk aftrekbare kosten zoals ziektekosten en giften in één bepaald jaar. Zo wordt eerder een aftrekpost behaald en komt de drempel maar één keer in mindering op de uitgaven. Voor giften vervalt de drempel overigens helemaal indien u de gift aan een charitatieve instelling voor 5 jaar vastlegt; het maximum van een periodieke gift gaat per 2025 omhoog van € 250.000 naar 1,5 miljoen per jaar.
In 2024 mogen aftrekposten tegen maximaal het lage tarief van 36.97% in aftrek worden gebracht ook indien uw inkomen in de hoogste schijf valt.
Aftrekposten
Indien u van plan bent (laag-renderende) beleggingen (zoals aandelen, cryptovalutas, onroerend goed) om te zetten in banktegoeden, is het voordelig om dit voor het einde van het jaar te doen, aangezien er dan potentieel een groot bedrag aan box 3-belasting voor 2024 bespaard wordt. Dit omdat overig vermogen zoals beleggingen tegen het hoogste tarief belast worden en banktegoeden tegen een lager tarief. Ook is het voordelig om vorderingen en uitgeleende bedragen, waar mogelijk, voor het einde van het jaar op te eisen, aangezien deze ook tegen het hoogste tarief belast worden. Het voorgaande is slechts van toepassing indien u kiest voor heffing op basis van fictief rendement. Het schuiven tussen vermogenscategorieën rond de peildatum is overigens in principe alleen succesvol als de verschuiving gedurende drie maanden in stand blijft.
De vrijstelling groene beleggingen in box 3 wordt per 1 januari 2025 versoberd. Met ingang van 1 januari 2025 wordt de vrijstelling groene beleggingen verlaagd naar € 30.000,–, voor 2024 bedroeg de vrijstelling € 71.251,–.
Indien u bezwaar heeft gemaakt tegen een definitieve aanslag in het licht van de massaalbezwaarprocedure voor box 3, maar u bent het toch niet eens met de uitkomst raden wij aan een ambtshalve verzoek in te dienen. Dit is nog mogelijk voor 5 jaar terug. Voor het jaar 2019 zal dit verzoek dan ook voor het einde van 2024 ingediend moeten worden om verjaring te voorkomen. Bij vragen hierover kunt u contact opnemen met ons kantoor.
Woningbezitters
Indien u in 2022 een zg. jubelton (eenmalige schenkvrijstelling van maximaal € 100.000,–) ontving en u heeft dit bedrag nog niet volledig gebruikt, dan dient u dit nog in 2024 aan uw huis te spenderen, indien dit niet gebeurt zal er over het niet gebruikte deel schenkbelasting verschuldigd zijn.
Kopers tussen de 18 en 35 jaar kunnen (onder bepaalde voorwaarden) voor een eigen woning eenmalig vrijgesteld zijn van overdrachtsbelasting door middel van de startersvrijstelling. De grens voor de startersvrijstelling (woningwaardegrens) wordt per 2025 verhoogd van € 510.000 naar € 525.000 waardoor starters door even te wachten potentieel duizenden euro’s aan overdrachtsbelasting kunnen besparen.
Het algemene tarief van de overdrachtsbelasting bedraagt in 2025 net als in 2024 10,4%. Met ingang van 1 januari 2026 wordt dit tarief echter verlaagd naar 8%. Dit tarief is geldig voor alle woningen behalve waarvoor het verlaagde tarief van 2% of de startersvrijstelling van toepassing is.
Wij krijgen de laatste tijd veel vragen over een zogenaamde emigratiebelasting of Exit Tax.
Er is in oktober een motie aangenomen door de Tweede Kamer waarin het kabinet wordt verzocht om opties te onderzoeken tegen belastingontwijking bij vertrek uit Nederland, bijvoorbeeld door middel van een fictieve binnenlandse belastingplicht na emigratie. De Tweede Kamer heeft verzocht om een reactie voor het einde van het jaar. Aangezien dit tot nu toe enkel een motie betreft is het allerminst zeker of dit een verder wettelijk gevolg krijgt. Er kunnen hieruit nog geen conclusies getrokken worden en de reactie van het kabinet op de motie dient afgewacht te worden.
De inkomensafhankelijke combinatiekorting kan worden toegepast bij mensen met kinderen onder de 12 jaar. De voorwaarde is dat beide partners werken. De inkomensafhankelijke combinatiekorting wordt vanaf 2027 in 9 stappen voor alle ouders afgebouwd en niet zoals eerder aangekondigd ineens per 2025.
Zoals hiervoor omschreven kan vanaf de zomer van 2025 het formulier ‘opgaaf werkelijk rendement’ ingevuld worden door belastingplichtigen wiens werkelijk rendement lager was dan het fictieve rendement. Dit dient dan wel gespecificeerd aangetoond te worden.
Onder werkelijk rendement worden de werkelijke inkomsten uit uw box 3 vermogen verstaan. Denk aan rente ontvangen op een bankrekening of lening, dividenden, vermogenswinst en -verlies op aandelen of onroerend goed, huurinkomsten, e.d. De Hoge Raad oordeelde dat kosten niet aftrekbaar zijn met uitzondering van de rente over een schuld in box 3. Verder dienen zowel gerealiseerde als ongerealiseerde vermogensmutaties in de heffing begrepen te worden, bijvoorbeeld een vermogensdaling van effecten of een stijging van de waarde van onroerend goed. Voor de bepaling van de waarde van woningen wordt nog steeds de WOZ-waarde gehanteerd.
Indien er bij een tweede woning of vakantiewoning sprake is van een forse stijging van de WOZ-waarde, zal er in de meeste gevallen geen vermindering mogelijk zijn. Dit onderstreept ook het belang van de WOZ-waarde; mocht deze aan de hoge kant zijn vastgesteld dan is dit nog een extra reden om bezwaar te maken.
Zoals in 2024 geldt ook in 2025 het systeem van de nieuwe forfaitaire spaarvariant. In dit systeem hebben de categorieën spaargeld, overig vermogen en schulden ieder een eigen percentage aan fictief rendement. Het heffingsvrij vermogen wordt geïndexeerd van € 57.000 in 2024 naar € 57.684 in 2025 – voor fiscaal partners geldt het dubbele. Op basis van de vermogensmix wordt een gemiddeld rendement berekend over het totaal vermogen. Het tarief over het fictief rendement in box 3 bedroeg in 2024 36% en dit tarief wordt niet aangepast in 2025.
Vermogensrendementsheffing 2025
Vermogenscategorie
Forfait
Banktegoeden
1*
Overige bezittingen
6%
Schulden
2,5*
*wordt bekend gemaakt na afloop van 2025
De vermogensrendementsheffing in 2024 was als volgt:
Er is jarenlang geprocedeerd over de fictieve manier van belasting heffen over het box 3-vermogen. Er werd immers uitgegaan van een fictief rendement dat vele malen hoger was dan op de spaarrekening ontvangen werd.
De uitspraken voor eerdere jaren pakten allen negatief uit voor de belastingbetaler. Uiteindelijk bepaalde de Hoge Raad in december 2021 in het zogenaamde Kerstarrest echter dat de forfaitaire berekening van box 3 voor de jaren 2017 en 2018 onevenredig zwaar drukt en daarmee in strijd is met het mensenrechtenverdrag. Volgens de Hoge Raad moet rechtsherstel geboden worden aan belastingplichtigen die bezwaar gemaakt hebben.
Met het nieuwe Hoge Raads-arrest van 6 juni 2024 is een nieuw hoofdstuk aangebroken in het box 3-verhaal. De Hoge Raad oordeelde dat de nieuwe fictieve heffing volgens de Herstelwet nog steeds in strijd is met het mensenrechtenverdrag. Hierdoor is een heffing op basis van werkelijk rendement een stap dichterbij. Vanaf de zomer van 2025 kunnen belastingplichtigen hun werkelijk rendement doorgeven via een formulier ‘opgaaf werkelijk rendement’. Ondertussen is het van belang om bezwaar te maken tegen definitieve aanslagen indien uw werkelijk rendement lager is dan het op de aanslag gehanteerde fictieve rendement.
In 2025 wordt een derde schijf toegevoegd aan de inkomstenbelasting in box 1 voor niet-AOW gerechtigden. Hieronder volgt een schematische weergave van de Inkomstenbelasting in box 1 in 2024 en 2025.
Inkomstenbelasting – AOW niet bereikt
2024
Inkomstenbelasting – AOW niet bereikt
2025
Eerste schijf tot € 75.624
36,97%
Eerste schijf tot € 38.441
35,82%
Tweede schijf vanaf € 75.624
49,50%
Tweede schijf vanaf € 38.441 tot € 76.816
37,48%
Derde schijf vanaf € 76.816
49,50%
Voor belastingplichtigen die de AOW-leeftijd hebben bereikt gelden in 2024 en 2025 de volgende tarieven:
Inkomstenbelasting – AOW bereikt*
2024
Inkomstenbelasting – AOW bereikt*
2025
Eerste schijf tot € 38.139
19,07%
Eerste schijf tot € 38.441
17,92%
Tweede schijf vanaf € 38.139 tot € 75.624
36,97%
Tweede schijf vanaf € 38.441 tot € 76.816
37,48%
Derde schijf vanaf € 75.624
49,50%
Derde schijf vanaf € 76.816
49,50%
*er gelden andere schijven voor belastingplichtigen geboren vóór 1 januari 1946
Het belastingplan is de eerste begroting ingediend door het kabinet Schoof I. Er zit een fors aantal wijzigingen in het belastingplan, hoewel het geen uitgebreide structuurwijzigingen betreft. De maatregelen hebben wisselende gevolgen voor de belastingbetaler. Het belastingplan moet overigens nog door de Eerste Kamer goedgekeurd worden tijdens de stemming op 17 december.
Door enkele amendementen is het Belastingplan nog gewijzigd in november. Positief daarbij voor het MKB is dat de giftenaftrek in de Vennootschapsbelasting toch niet afgeschaft wordt en dat de vrije ruimte voor vergoedingen aan werknemers is verhoogd. Ook het tarief in box 2 over dividenden en vermogenswinsten wordt verlaagd. Daartegenover staat een verlaging van de MKB-winstvrijstelling. Verder wordt de 30%-regeling minder sterk versoberd dan voorheen de bedoeling was.
Voor wat betreft de box 3-belasting over vermogen is heffing op basis van werkelijk rendement een stap dichterbij na de Hoge Raads-uitspraak afgelopen juni. Indien uw werkelijk rendement in een bepaald jaar lager was dan het fictieve rendement kunt u recht hebben op een teruggave. Dit is slechts van toepassing voor jaren waarvan de aanslag op 24 december 2021 nog niet onherroepelijk vaststond, óf aanslagen waartegen destijds bezwaar gemaakt is. Indien u voor 2019 een teruggave verwacht, zal vóór 31 december 2024 een verzoek om ambtshalve herziening ingediend moeten worden in verband met het verlopen van de 5-jaars termijn.
Wij gebruiken technologieën zoals cookies om informatie over uw apparaat op te slaan en/of te raadplegen. We doen dit met als doel om de beste ervaring te bieden en om gepersonaliseerde advertenties te tonen. Door in te stemmen met deze technologieën kunnen wij gegevens zoals surfgedrag of unieke ID's op deze site verwerken. Als u geen toestemming geeft of uw toestemming intrekt, kan dit een nadelige invloed hebben op bepaalde functies en mogelijkheden.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door je Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.