
Nieuwe box 3-heffing over vermogen
Forfaitair systeem
In beginsel geldt er in 2025 een box 3-heffing over het vermogen op basis van een fictief rendement. Voor banktegoeden geldt een lager fictief rendement van 1,37% en voor overig vermogen een hoog rendement van 5,88%. Voor schulden wordt rekening gehouden met een negatief rendement van 2,70%. Het heffingsvrij vermogen is € 57.684 per persoon en wordt berekend tegen een gewogen gemiddeld tarief. Vervolgens wordt het berekende fictieve rendement belast met 36% box 3-heffing.
Werkelijk rendement
In 2024 heeft de Hoge Raad beslist dat het bovenstaande forfaitaire systeem onvoldoende rekening houdt met het eerdere Kerstarrest en dat alsnog moet worden uitgegaan van het werkelijk genoten rendement op het vermogen. Op basis hiervan is een nieuw heffingssysteem ontwikkeld waarbij wel meer wordt uitgegaan van het werkelijk rendement. Als dit systeem gunstiger is dan het forfaitaire systeem, kan alsnog hiervoor gekozen worden. Aangezien ook (ongerealiseerde) vermogensstijgingen, bijvoorbeeld van aandelen of WOZ-waarde van woningen worden meegenomen, is dit systeem zeker niet altijd voordeliger.
Uitwerking aangifte 2025
Zoals in de inleiding vermeld is het in de aangifte 2025 mogelijk om direct te kiezen voor box 3-belasting op basis van werkelijk rendement in plaats van het huidige systeem gebaseerd op fictief rendement. Indien u verwacht dat werkelijk rendement voor u voordeliger kan zijn voor 2025 ontvangen wij graag de relevante gegevens voor het werkelijk rendement. Hiervoor zijn met name van belang de overzichten van beleggingen met de stortingen en/of opnames en de dividenden alsmede de huurinkomsten voor onroerend goed.
Hieronder volgt per vermogenscategorie een uitgebreidere toelichting van de benodigde informatie voor het werkelijk rendement:
- Bank- en spaartegoeden: Hier wordt gekeken naar de rente-inkomsten die u daadwerkelijk hebt ontvangen. Dit vraagt om een overzicht van alle tegoeden en bijbehorende jaaroverzichten. Indien de rekening in vreemde valuta is, dienen de transacties in het jaar omgerekend te worden naar euro’s teneinde het valutakoersresultaat te bepalen.
- Beleggingen (aandelen, obligaties, beleggingsfondsen, etc.): Hier dienen zowel dividenden en andere inkomsten als gerealiseerde en ongerealiseerde koerswinsten (of verliezen) te worden vastgesteld. Dit betekent dat alle aan- en verkopen van effecten in kaart moeten worden gebracht, inclusief transactiedata en -waarden. Indien de rekening in vreemde valuta is, dienen de transacties in het jaar omgerekend te worden naar euro’s teneinde het valutakoersresultaat te bepalen.
- Onroerend goed (niet zijnde eigen woning): Voor verhuurd vastgoed moeten wij de huurinkomsten berekenen, alsmede eventuele (gerealiseerde en ongerealiseerde) waardeveranderingen. Hier spelen ook specifieke waarderingsregels mee, zoals de leegwaarderatio en WOZ-waarde. Bij tussentijdse wijzigingen zoals aankoop of verkoop worden de waardeveranderingen tijdsevenredig berekend.
- Vorderingen en schulden: De rente-inkomsten of -lasten dienen hier in kaart gebracht te worden, evenals eventuele aflossingen of waardeveranderingen. Indien er sprake is van vreemde valuta, dient ook het valutakoersresultaat bepaald te worden.
- Overige bezittingen en vermogensbestanddelen: Denk hierbij aan contanten, crypto-activa of waardevolle bezittingen. Ook hiervoor moeten de juiste waarderingen en inkomsten worden vastgesteld volgens de geldende regelgeving.
Als er nog vragen zijn met betrekking tot het werkelijk rendement en/of de hiervoor benodigde informatie, kunt u altijd contact opnemen met ons kantoor.
Opgaaf werkelijk rendement 2021 t/m 2024
Voor de jaren 2021 t/m 2024 is ook mogelijk om voor box 3-belasting op basis van werkelijk rendement te kiezen. Mocht dit voor u nog niet nagegaan zijn voor deze jaren vernemen wij dat graag, dan kunnen wij de mogelijkheden in kaart brengen. Mogelijk zal hiervoor nog verdere informatie voor nodig zijn.
