Ja, dat zou inderdaad moeten – maar onderzoek toont aan dat dit niet vaak gebeurt. De Belastingdienst beschouwt cryptovaluta of bitcoins als bezittingen, en niet-aangegeven crypto wordt als zwart vermogen beschouwd. Als u cryptovaluta in privé bezit heeft, vallen ze doorgaans onder box 3 van de inkomstenbelasting als ‘overige bezittingen’. Voor uw aangifte inkomstenbelasting moet u de waarde van de cryptovaluta op 1 januari van het belastingjaar aangeven en daarover belasting betalen. Hoewel het voor de fiscus vroeger moeilijk was om cryptobezittingen te achterhalen, lijkt die tijd voorbij te zijn en cryptobezitters moeten nu voorzichtig zijn.

crypto-inkeer-aangeven-suurmond-belastingadviseurs-internationaal-aangifte-belasting

Gegevensuitwisseling crypto

De gegevensuitwisseling binnen Europa en daarbuiten verloopt snel en verbetert voortdurend. Binnenkort zal ook informatie over crypto- / bitcoin-transacties automatisch aan de Nederlandse Belastingdienst worden verstrekt. De EU-richtlijnen voor administratieve samenwerking (DAC-wetgeving) worden steeds uitgebreider. Sinds de invoering van DAC 1 in 2014 vindt automatische gegevensuitwisseling plaats tussen verschillende landen en belastingdiensten. We zijn nu bij DAC 6 en meer richtlijnen zullen volgen. In de nabije toekomst zal de informatie van de cryptohouder automatisch aan de Nederlandse Belastingdienst worden verstrekt, wat de controle op aangiften en vermogen aanzienlijk vereenvoudigt inzake belasting over crypto. Hier vind u meer informatie op de site van de Belastingdienst.

Crypto tijdig aangeven

Voordat de nieuwe wetgeving er is en de Belastingdienst uw cryptobezittingen nog niet heeft ontdekt, heeft u nog de mogelijkheid om gebruik te maken van de inkeerregeling voordat het te laat is. Bent u geïnteresseerd in meer informatie over de inkeerregeling en uw mogelijkheden met betrekking tot belasting over crypto? Neem dan contact met ons op! Klik hier voor meer informatie over de inkeerregeling.

In dit artikel leest u meer

Het blijkt technisch buitengewoon ingewikkeld te zijn voor de Belastingdienst om de bezitter van een digitale bewaarportemonnee te identificeren en voor de handelsplatforms om de bezitter van een cryptowallet te achterhalen. Om dit potentieel verhuld vermogen toch te betrekken in de belastingheffing, stelt fiscalist Johan Loo voor om de cryptobezitter te stimuleren vrijwillig aangifte te doen van zijn belegging via de invoering van een ‘milde inkeerregeling’.

Voor de belastingheffing is het van groot belang om te weten te komen hoeveel cryptovaluta iemand bezit. Bezit een belastingplichtige cryptovaluta in een wallet, dan behoren de cryptovaluta in de regel tot de rendementsgrondslag in box 3. Aldus moeten de cryptovaluta naar de waarde in het economisch verkeer op de peildatum van een kalenderjaar (1 januari) worden vermeld in de aangifte inkomstenbelasting.

Wanneer de Belastingdienst een controle wil uitvoeren om te verifiëren of en hoeveel cryptovaluta een particulier bezit, dan loopt de Belastingdienst tegen een probleem aan. Het is namelijk ontzettend moeilijk om op een betrouwbare wijze de belastingplichtige achter een wallet te verifiëren. Cryptovaluta staan niet in de cloud en worden (nog) niet gerenseigneerd. De kans dat veel cryptovaluta in de aangiften inkomstenbelasting zijn vermeld lijkt dan ook gering. Uit een Zweeds onderzoek blijkt dat wereldwijd de bereidheid van cryptobezitters om cryptovaluta als bitcoin en ethereum aan te geven bij de lokale belastingdiensten bijzonder laag is.

De verwachting is dat met de komst van de Europese richtlijn DAC8 de Belastingdienst beter in staat moet zijn om het overgrote deel van de Nederlandse cryptobezitters te identificeren. Voor het zover is, is Johan Loo voorstander van de invoering van een ‘milde inkeerregeling’ om de goedwillende belastingplichtige tegemoet te komen. Mild, zo schrijft hij in een artikel in het Weekblad fiscaal recht, betekent in dit opzicht dat voor een periode van twee jaar geen boete, strafrechtelijke vervolging en/of verlengde navordering plaatsvindt.

De inkeerregeling of ‘vrijwillige verbetering’ heeft jaren lang gegolden voor mensen met verhuld vermogen (zwart geld) in met name het buitenland. Met ingang van 1 januari 2018 en 1 januari 2020 is de inkeerregeling aanzienlijk beperkt en geldt deze niet meer voor verbeteringen van zowel box 2- als box 3-inkomen.

BRON https://www.taxlive.nl/nl/documenten/nieuws/pleidooi-voor-fiscale-inkeerregeling-cryptobezitters/

Misschien heeft u ook een brief ontvangen met als onderwerp ‘Verzoek om informatie’,  van de heer B. ofwel van de afdeling Breda van de Belastingdienst ‘Handhaving’ of ‘Verhuld Vermogen’. Het heeft betrekking op een buitenlandse bankrekening. Wij krijgen de laatste tijd veel cliënten die opbellen met de mededeling dat ze een dergelijke brief hebben ontvangen. Wij kunnen u helpen de boete van niet aangeven buitenlandse rekening te verminderen.

Neem dit serieus

Als u een brief heeft ontvangen (betreft: verzoek om informatie) , dan is het verstandig om deze serieus te nemen. Het is geen probleem dat zich vanzelf oplost en u zult actie moeten ondernemen. Omdat het lastig is de gevolgen in te schatten van uw antwoorden en de door u verstrekte informatie is het verstandig om dit uit te besteden aan een ervaren (inkeer)adviseur.

Boete niet aangeven buitenlandse rekening

Laatst hadden we met de volgende situatie te maken. Een klant had een dergelijke brief van de Belastingdienst ontvangen met betrekking tot een bankrekening in China, die op naam van zijn vader stond. Vanwege de slechte geestelijke gezondheid van zijn vader werd hij belast met het beheer van zijn financiële zaken, hij was echter niet op de hoogte van deze bankrekening. Helaas was zijn moeder niet meer in leven. Hij maakt zich zorgen over de mogelijke boete voor het niet aangeven van deze buitenlandse rekening en wilde graag weten hoe hij alles nu op orde kon brengen om deze boete te voorkomen.

Aangezien de Belastingdienst reeds een brief had gestuurd betreffende de Chinese rekening, waren de mogelijkheden om de boete te verminderen beperkt. De fiscus was namelijk al op de hoogte van het verzwegen vermogen, en daardoor kon een boete voor het niet aangeven van deze buitenlandse rekening worden opgelegd. Niettemin is het verstandig om alsnog volledige opening van zaken te geven van het verzwegen buitenlandse vermogen. Soms kan beroep op verzachtende omstandigheden aanzienlijke lagere heffing én boete opleveren

Belastingdienst

De Belastingdienst komt op verschillende manieren achter verhuld vermogen. De kans dat de Belastingdienst buitenlands vermogen op het spoor komt wordt steeds groter. Dat komt door de internationale uitwisseling van gegevens tussen landen. Klik hier om te zien hoe de Belastingdienst dat aanpakt. Een andere manier waarop de Belastingdienst verhuld inkomen en vermogen op het spoor kan komen, is door bestedingen met buitenlandse betaalkaarten te analyseren.

Boete niet aangeven buitenlandse rekening

De hoogte van de boete is afhankelijk van verschillende factoren, zoals de hoogte van het vermogen en de mate van opzet of grove schuld en eventuele verzachtende omstandigheden.

Het is van groot belang om alle gegevens met betrekking tot de bankrekening, de herkomst van het geld, eventuele opnames, enzovoorts, helder en correct te presenteren, zodat de Belastingdienst een zo volledig mogelijk beeld krijgt en de boete niet onnodig wordt verhoogd. De boete kan namelijk tot 300% oplopen. Daarnaast kunt u eventuele verzachtende omstandigheden aandragen. Hiermee kan geprobeerd worden om de boete voor het niet aangeven van de buitenlandse rekening en de mogelijke navordering zoveel mogelijk te beperken, waardoor u de financiële gevolgen beter kunt beheersen.

Wij helpen u graag met het geven van openheid van zaken en overleggen graag met de Belastingdienst over het verminderen van de boete. Neem contact met ons op om uw situatie voor te leggen. Hier vind u verdere interessante informatie wat betreft buitenlands vermogen. Wij bekijken graag hoe wij de schade zoveel mogelijk kunnen beperken. Tevens kunnen wij helpen met het opvragen van de benodigde gegevens bij de buitenlandse bank middels een modelbrief.  

Heeft u een aanbod gekregen om te gaan werken in Saudi-Arabië? Dan komt daar belastingtechnisch veel bij kijken. Wat is bijvoorbeeld de impact als u zich wel of niet uitschrijft. Denk aan zaken als familie die achterblijft, hoeveel dagen u besteedt in Saoedi-Arabië, of wel in Kingdom of Saudi arabia (KSA). Nu vraagt u zich af, waar u belastingplichtig bent en u wilt natuurlijk geen dubbele belasting betalen. U vraagt zich af of wat de implicaties zijn en hoe u dit zo kunt opzetten, dat u zoveel mogelijk belasting bespaart en toch uw zaken correct geregeld worden. Daarbovenop komt natuurlijk eventueel het invullen van het m-formulier: een gecompliceerde aangifte die uw belastingplicht omzet naar de buitenlandse bij emigratie.

Werken in Saudi-Arabië

In de Kingdom of Saudi Arabia wordt 20% winstbelasting geheven maar er wordt geen belasting over inkomsten geheven, waardoor het aantrekkelijk kan zijn om er te gaan werken. Er bestaat een belastingverdrag tussen Saoedi-Arabië en Nederland en de groeiende economie van Saoedi-Arabië maakt het KSA het steeds aantrekkelijker voor buitenlandse bedrijven en werknemers.

Als dit soort vragen bij u opkomen indien u gaat werken in saudi arabië, is het verstandig om een internatonaal belastingadviseur naar uw situatie te laten kijken. Hier leest u meer over voorkoming dubbele belasting.

  • U heeft een koophuis in Nederland; u vraagt zich af of u deze na emigratie (van het gezin) nog kunt aanhouden; 
  • U vertrekt alleen; u gaat werken in Saudi arabië en uw vrouw blijft in Nederland achter voor de eerste paar maanden. U vraagt zich af of zij nog gebruik kan maken van de hypotheekrenteaftrek; 
  • U vraagt zich af of er nog gebruik kan maken van de hypotheekrenteaftrek nadat uw volledige gezin is verhuisd en u nog een koophuis aanhoudt in Nederland; 
  • U wilt graag weten wat er gebeurd met uw Nederlandse zorgverzekering na emigratie; 
  • Uw vrouw heeft recht op kinderbijslag en volledige kinderopvangtoeslag; u vraagt zich af of dit ook na uw emigratie nog geldt;
  • U heeft spaargeld en vraagt zich af of het fiscaal gunstig is om dit in Nederland te houden;
  • U vraagt zich af of het verstandig is om zoveel mogelijk inkomen dat u het KSA hebt verdiend in het buitenland te houden; 
  • Uw man heeft een baanaanbod in Saudi Arabie. U blijft in NL wonen, nu vraagt u zich af of uw man buitenlands belastingplichtig wordt en uzelf binnenlandsplichtig blijft.

Werken in Saudi-arabië – wat kunnen we voor u betekenen?

Suurmond Belastingadviseurs adviseert al meer dan 35 jaar particulieren bij werken en wonen in het buitenland. Met name de laatste jaren hebben wij ons gericht op situaties met betrekking tot Saudi-Arabië en het midden oosten. Na een eerste contact wordt er gekeken of wij de partij zijn die u verder kan helpen. 

In een contactformulier of e-mail legt u uw situatie voor en stelt u de vragen die u heeft. Uw situatie wordt bekeken door een van onze adviseurs. Aan de hand daarvan wordt er verdere informatie gevraagd. Ons uurtarief is €210 excl. 21% BTW.

Een adviseur kijkt welke zaken er specifiek op uw situatie van toepassing zijn en welke onderdelen belangrijk zijn om van tevoren te regelen. Er wordt een adviesvoorstel gemaakt over alle onderdelen waar u begeleiding bij nodig heeft. 

Wij stellen u vervolgens op de hoogte van het aantal uren dat er naar verwachting nodig zal zijn. Dit is niet in alle gevallen nauwkeurig in te schatten omdat wij afhankelijk zijn van beschikbare gegevens en toelichting. Bovendien zijn wij afhankelijk van de wijze waarop een inspecteur reageert op het ingenomen standpunt. Er kan hierna zo nodig een adviesgesprek op locatie of online ingepland worden.

Er kan hierna zo nodig een adviesgesprek op locatie of online ingepland worden.

Voorbeeldsituaties werken in Saudi-arabië

Zo hebben wij onze klanten geholpen. Lees hier hun vragen en ons advies.

Mijn echtgenoot overweegt een baananbod in het kingdom of saudi arabia. Als hij hierop ingaat, zou ik hier blijven wonen met onze zoon. Is het mogelijk dat mijn man buitenlands belastingplichtig wordt en ik binnenlands belastingplichtig blijf? Wij hebben ook een woning in NL.

Het uitschrijven heeft als nadeel dat er geen sprake kan zijn van fiscaal partnerschap. De woning zal voor 50% bij u in box 1 blijven, terwijl de 50% van uw echtgenoot mogelijk in box 3 terecht komt. Als uw echtgenoot ingeschreven blijft  dan dient het gehele KSA salaris waarschijnlijk vermeld te worden in de NL aangifte. Vervolgens kan er ook van een werkkalender gebruik gemaakt worden.

Ik ga in Saudi Arabië werken. Ik blijf er een paar jaar als het goed bevalt. Ik houd in Nederland mijn huis aan waar mijn vrouw blijft daar wonen. Ik reis om de paar weken terug. Ik krijg hypotheekrente aftrek en heb in NL inkomsten uit een eigen BV en uit loondienst. Hoeveel inkomstenbelasting moet ik in NL betalen over mijn inkomen uit Saudi arabie en hoeveel belasting moet ik in nl betalen mocht ik in saudi arabie werken? Is het verstandig om mezelf uit te schrijven?

De uitschrijving geeft potentieel het meeste zekerheid dat het KSA salaris niet in Nederland belast wordt. Dit heeft diverse gevolgen: wanneer geen of nauwelijks sprake is van werkdagen buiten het KSA, dan kan het een overweging zijn om uzelf niet uit te schrijven. Er bestaat soms de mogelijkheid dan, dat de eigen woning aftrek geheel aan uw echtgenoot toegerekend kan worden.

Het belang van het inschakelen van een internationaal belastingadviseur

Wanneer u van plan bent om in het Kingdom of Saudi Arabia te gaan werken dan is het belangrijk om een belastingadviseur met expertise daaromtrent uw situatie onder de loep te laten nemen. U wilt natuurlijk zeker weten dat u uw nieuwe baan goed begint en niet jaren later tot de ontdekking komt dat uw belastingzaken niet goed geregeld waren. 

Met het advies van onze belastingadviseurs,, bent u ervan verzekered dat u bijgestaan wordt door een belastingadviseur met de relevante kennis in uw situatie. Ons team is goed op de hoogte van de belastinggevolgen van het wonen en/of werken in Saudi-Arabië. 

Als gevolg hiervan, bent u goed voorbereid als u gaat werken in saudi arabië. U weet hoeveel belasting u zal betalen in Nederland over uw inkomen uit het kingdom of saudi arabia. U weet bijvoorbeeld wat de implicaties zijn van het aanhouden van uw huis in Nederland, of hoe om te gaan met uw spaargeld dat uw in het kingdom of saudi arabia opbouwt. In de meest uiteenlopende situaties kunnen wij u voorzien van volledig internationaal belastingadvies.

Hier kunt bekijken welke landen een belastingverdrag met Nederland hebben.

De box 3 wetgeving is altijd in beweging sinds het kerstarrest van december 2021. Lees verder en ontdek de laatste wijzigingen in dit gebied!

Er waren begin dit jaar 15 rechterlijke uitspraken voor en 0 tegen. Sinds het kerstarrest in 2021 is het niet duidelijk wat er gaat gebeuren. Tot en met 2016 werd in box 3 belasting geheven over een vast rendement en vanaf 2017 was het gebaseerd op een fictief rendement. Er zijn nu meer uitspraken voor dat het werkelijke rendement van de belastingplichtige wordt belast dan tegen.

4 opties ter verfijning

Het kabinet maakt op 26 april vier opties bekend voor een mogelijke verfijning van de categorieën ‘overige bezittingen’ en ‘schulden’ in box 3. De eerste betreft de plaatsing in de categorie ‘banktegoeden’ van aandelen in het vermogen van een Vereniging van Eigenaren (VvE) en geld op een derdenrekening bij een notaris. De tweede optie betreft het defiscaliseren van onderlinge vorderingen en schulden in box 3, die in een gezamenlijke aangifte worden verwerkt. Hieronder worden verrekenbedingen begrepen tussen echtgenoten op basis van huwelijkse voorwaarden of bij toerekening aan de ouders van vermogen van minderjarige kinderen. Wat zijn de andere twee opties – en is er meer?

De eerste twee opties worden sowieso uitgewerkt in nieuwe wetgeving. Dat heeft het kabinet namelijk al toegezegd aan de Eerste en Tweede Kamer bij de behandeling van de Overbruggingswet box 3.

De derde verfijningsoptie betreft het creëren van een aparte categorie voor vorderingen, waardoor deze dan hetzelfde forfaitaire rendementspercentage krijgen als schulden. Hierbij wordt met name gedacht aan geldvorderingen tussen natuurlijke personen.

Optie vier is het opsplitsen van de categorie ‘overige bezittingen’ in meerdere categorieën met eigen forfaits, waaronder aparte categorieën voor effecten en voor onroerende zaken.

Naast de verfijningsopties wordt onderzocht of de heffingskorting voor groene beleggingen kan worden verhoogd.

Onroerende zaken in stelsel naar werkelijk rendement

Ook wordt onderzocht hoe onroerende zaken het beste kunnen worden belast in een stelsel op basis van werkelijk rendement. Daarbij wordt gekeken naar een combinatie van enkele varianten, zoals het belasten naar werkelijke inkomsten zoals huur, pacht en erfpachtinkomsten. En naar het belasten van de waardeontwikkeling van onroerend goed, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen woningen en niet-woningen. Ook wordt onderzocht hoe eigen gebruik van onroerend goed in box 3 kan worden belast. Een andere variant die wordt onderzocht, is het belasten van onroerend goed, waaronder grond, als resultaat uit overige werkzaamheden (row) in box 1.

Nieuw stelsel definitief uitgesteld

Het kabinet heeft nog geen beslissing genomen over de definitieve vorm van het nieuwe stelsel. Wel laat staatssecretaris Van Rij weten dat een zorgvuldig wetgevingsproces met zich meebrengt dat het nieuwe stelsel op basis van het werkelijke rendement pas in werking kan treden op 1 januari 2027.

Bron: Fiscount.nl

Sinds 2006 woont de belastingplichtige in een Zuid-Europees land. Hij verricht in 2012 geen werkzaamheden in Nederland, maar heeft wel een stuk grond in Nederland. Hij vraagt niet om uitreiking van een aangiftebiljet en vervolgens stuurt de Belastingdienst hem een formulier Opgaaf wereldinkomen, ofwel een NinBi-formulier. In de Opgaaf wereldinkomen vult hij uitsluitend zijn box-1-wereldinkomen in. De inspecteur legt een navorderingsaanslag op over het box-3 inkomen die verhoogd wordt met een vergrijpboete met een bedrag van wel €10.602,–

Volgens het Hof Amsterdam staat er in de Opgaaf wereldinkomen vermeld dat ook de rendementsgrondslag en het heffingsvrije vermogen dient te worden ingevuld, ookal hoeft het niet volgens de maatstaven van het betreffende woonland.

Wilt u meer weten over een opgaaf wereldinkomen? Bekijk dan deze pagina

Het nieuwe jaar is al geruime tijd begonnen en de aangifteperiode begint weer. De deadline belastingaangifte van 1 mei wordt groot weergegeven in het nieuws, maar is alle aandacht voor deze gevreesde datum eigenlijk wel terecht? En wat is de datum 1 april die ook nog wordt genoemd?

Moet u voor 2022 belastingaangifte doen? Dan heeft u vast al een brief gehad van de Belastingdienst met uitnodiging tot aangifte doen, waarop de uiterste inleverdatum vermeld staat. De deadline belastingaangifte is afhankelijk van wat voor soort biljet u moet invullen. Daarnaast zult u horen dat u belastingrente kunt voorkomen door de aangifte vóór 1 april te doen. Deze rente wordt ook wel vermeld als boete of verhoging van de belasting waarbij in de praktijk de alarmbellen gaan rinkelen.

Aangifte na de deadline belastingaangifte invullen kan

Voor al onze klanten vragen wij uitstel tot volgend jaar 1 mei 2024. De Belastingdienst geeft uitstel zodat de werklast over het jaar verspreid kan worden. U zult geen boete krijgen als uw aangifte voor die tijd wordt ingediend. Wij vragen uitstel aan vanwege de drukte en de verwerkingstijd zodat wij iedere aangifte de tijd kunnen geven die deze verdient. Door het verschuiven van de deadline van 1 april naar 1 mei valt dit samen met een periode waarin de aangifte omzetbelasting worde gedaan. Dit veroorzaakt dan ook een lastige piek in de werkzaamheden te meer daar de deadline van de aangifte omzetbelasting wel een harde deadline is.

Geen paniek

Bent u (nog) geen klant bij ons en is uw aangifte vóór 1 mei nog niet ingediend? Dan zal er na verloop van tijd een herinnering worden gestuurd. Maar ook na ontvangst van deze herinnering is er niets aan de hand.  Er wordt geen boete opgelegd. Als u dan nog niet de aangifte heeft ingediend krijgt u een aanmaning en weer de tijd om de aangifte in te dienen. Pas hierná wordt er een boete opgelegd. Wij kunnen voor u alsnog uitstel vragen als u een herinnering heeft ontvangen. Na het ontvangen van een aanmaning kan dit niet meer.

Belangrijk

Wat is nu wel belangrijk? Dat is het voorkomen van belastingrente. Deze rente wordt in rekening gebracht als de aanslag wordt opgelegd na 1 juli en bedraagt 4% voor inkomstenbelasting. Deze rente begint te lopen vanaf 1 juli. Deze rente kan voorkomen worden door de aangifte voor 1 april in te dienen. Om te voorkomen dat de aangifte een haastklus wordt is het echter vaak verstandig om een inschatting te maken en een voorlopige aanslag aan te vragen die vervolgens wordt verrekend met de aanslag na indiening van de aangifte. Dit is slechts aan de orde bij een te verwachten te betalen – substantieel – bedrag. Bij een teruggave is dit niet aan de orde (u ontvangt helaas geen rente) en bij een klein verschuldigd bedrag gaat dit niet over noemenswaardige belangen.

Deadline belastingaangifte 1 juli M-biljet

Overigens geldt de deadline van 1 mei alleen voor het regulier P-biljet. Een P-biljet zal worden uitgereikt aan u, als u geheel 2022 binnenlands belastingplichtig bent geweest. Als u in 2022 bijvoorbeeld Nederland verliet of bent teruggekeerd, dan dient u een M-biljet in te vullen. In dit geval moet dan rekening worden gehouden met een deadline van 1 juli. Het is ook mogelijk dat in het geheel geen biljet wordt uitgereikt. Het is dan uw verantwoordelijkheid om te onderzoeken of belasting is verschuldigd en vervolgens alsnog om een biljet te vragen. In het jaar van immigratie of emigratie is een teruggave niet ongewoon dus ook om die reden is het verstandig hier goed naar te kijken. Daarnaast is het M-biljet een belangrijke aangifte die uw belastingplicht wijzigt; advies bij een dergelijke aangifte is zeker geen overbodige luxe.

Andere redenen

In sommige gevallen is het wel handig om aangifte met gepaste spoed te doen als u hier baat bij heeft. Verwacht u een groot bedrag te moeten betalen over 2022 of een teruggave? Of moet u een aanvraag van de financiering van een woning doen bijvoorbeeld? Dan is het verstandig om onze aangifte-diensten op tijd in te schakelen. Wij zullen in voorkomende gevallen de aangifte met voorrang behandelen of een voorlopige aanslag aanvragen ter voorkoming van de belastingrente.

Conclusie

U krijgt geen boete of verhoging bij het indienen van de aangifte ná de deadline mits u tijdig een goede inschatting maakt van uw situatie en zonodig een voorlopige aanslag heeft aangevraagd. Uitstel is altijd mogelijk en eenvoudig te regelen mits er geen aanmaning is ontvangen. Voorafgaand aan een aanmaning ontvangt u eerst een herinnering. Negeer geen berichten van de belastingdienst, dan is er nooit reden tot paniek.

Met onze expertise kunt u ervan verzekerd zijn dat we uw aangifte correct en op tijd indienen. Bent u nog geen klant en wilt u er zeker van zijn dat uw –  internationale –  belastingsituatie zo geoptimaliseerd mogelijk is?

30 procent regeling

De 30 procent regeling is een belastingmaatregel voor werknemers die gerekruteerd zijn vanuit het buitenland om in Nederland te komen werken voor een Nederlands bedrijf.  De 30 procent regeling geeft 5 jaar recht op 30% van het salaris belastingvrij en op vrijstelling van belastingplicht over wereldwijd vermogen. Nederlanders die terugkeren na 25 jaar of langer in het buitenland te hebben gewoond, komen in principe ook in aanmerking voor deze gunstige regeling.

Wat kunnen wij voor u betekenen?

  • Wij kunnen adviseren rondom de geldigheid en aanvraag van de 30% regeling van uw vanuit het buitenland gerekruteerde werknemer(s);
  • Wij kunnen u adviseren over mogelijkheden om in aanmerking te komen voor de 30% regeling indien u meer dan 25 jaar in het buitenland heeft gewoond en terugkeert naar Nederland. De overheid stelt hiervoor strenge eisen, dus de kans op toekenning is niet groot. Maar het kan wel zo zijn dat uw buitenlandse partner wel recht heeft op de regeling. Lees hier een voorbeeldsituatie van de 30% regeling voor terugkerende Nederlanders.

De voordelen van de 30%-regeling:

  • Belastingvrije korting op 30% van het salaris;
  • Belasting ontheffing over inkomen uit wereldwijde spaartegoeden en investeringen (behalve binnenlandse vastgoed investeringen);
  • Belastingvrijstelling over dividenden van aanzienlijke aandeelhouders, behalve directe aandelen in een Nederlands bedrijf;
  • Verscheidene andere praktische voordelen, zoals een eenvoudigere procedure om een Nederlands rijbewijs te verkrijgen.

De 30 procent regeling voorwaarden zijn:

  • Geplaatst of gerekruteerd zijn vanuit het buitenland: men moet in een ander land gewoond hebben voordat men de baan in Nederland heeft aangenomen;
  • Schaarse expertise: dit is voornamelijk gebaseerd op het minimum salarisvereiste. In 2024 is dit € 65.867. In 2023 was dit € 59.933; Dit is het belastbaar salaris plus de 30% vergoeding. Dit betekent een belastbaar loon van minimaal € 46.107 in 2024 (exclusief het 30% belastingvrij gedeelte) en in 2023 was dit € 41.953;
  • Voor jonge PhD afgestudeerden (< 30 jaar) gelden minder strenge eisen; als zij een baan aannemen direct nadat ze hun PhD in Nederland hebben afgerond, vervalt de voorwaarde dat zij aangesteld moeten zijn vanuit het buitenland. Ook geldt voor hen een lager minimum salaris: € 50.074 in 2024, het belastbaar salaris moet minimaal € 35.052 bedragen. In 2023 waren deze bedragen € 45.559 respectievelijk € 31.891;
  • Voor wetenschappelijk onderzoekers geldt geen salaris criterium;
  • In bezit zijn van een Nederlands BSN zodat belastingaftrek plaats kan vinden; de 30%-vrijstelling moet afgetrokken worden van het bruto inkomen.
  • Men moet gedurende 16 van de afgelopen 24 maanden buiten een radius van 150 km van de Nederlandse grens hebben gewoond om aangemerkt te worden als inkomende werknemer;
  • Nederlanders moeten minstens 25 jaar in het buitenland hebben gewoond en gewerkt voordat zij weer hier worden geplaatst of gerekruteerd om als expat te worden gezien.
  • Periodes waarin men heeft gewoond en/of gewerkt in Nederland in de laatste 25 jaar worden afgetrokken van de 30 procent regeling.

Belang van fiscaal advies bij eerste aangifte na toekenning

Ook nadat de 30%-regeling is toegekend, is het raadzaam om fiscaal advies in te winnen. Het komt namelijk vrij nauw welk soort belastingformulier wordt ingevuld. Als bijvoorbeeld in de vooraf ingevulde aangifte niet gekozen wordt voor gedeeltelijke buitenlandse belasting blijft er een belastingplicht bestaan over wereldvermogen in box 3. Dit kan gemakkelijk per ongeluk gebeuren aangezien de Belastingdienst in de meeste gevallen automatisch Nederlandse bankrekeningen in box-3 heeft vermeld. Als deze niet worden gecorrigeerd, is er automatisch niet gekozen voor gedeeltelijke buitenlandse belasting en moeten ook buitenlandse bankrekeningen en investeringen worden toegevoegd.

Voorbeeldsituaties 30%-regeling voor terugkerende Nederlanders

U bent Nederlands en heeft met uw partner een aantal jaar in de UK gewoond. U wilt nu remigreren naar Nederland, samen met uw partner. Uw partner kan haar baan behouden en remote werken vanuit Nederland. Het bedrijf waar zij voor werkt is Engels en niet geregistreerd in Nederland. U wilt graag weten of zij als zij als freelancer aan de slag gaat voor haar UK werkgever er bepaalde belastingvoordelen zijn.

Indien uw partner niet eerder in Nederland heeft gewoond is het de moeite waard om de mogelijkheden van de 30% regeling te onderzoeken. Daarvoor is een Nederlandse werkgever nodig maar ook hiertoe zijn mogelijkheden: een BV opzetten en de UK werkgever (dan cliënt) factureren; opzetten van een NL payroll door de UK werkgever; gebruik maken van een extern payroll bedrijf. Hiervoor zal wel ondersteuning van de werkgever nodig zijn om dit goed op te zetten, maar dat is eveneens in het belang van de werkgever die verantwoordelijk is voor de juiste afdrachten indien uw partner in Nederland woont en werkt.

De 30%-regeling is een loonbelastingfaciliteit voor expats waarbij 30% van het brutosalaris belastingvrij wordt uitgekeerd en er gebruik gemaakt kan worden van twee inkomstenbelastingvoordelen.

De 30%-regeling

Er is een meningsverschil aan de gang inzake de 30%-regeling. Groenlinks schaft in ‘keuzes in Kaart 2022-2025’ de 30%-regeling en de vrijstelling extraterritoriale kosten (ETK) voor ingekomen werknemers af. Dit is een lastenverzwaring voor gezinnen van 0,5 mld euro. De Kamerleden van de SP en GroenLinks hebben ook al in 2016 een motie ingediend ter heroverweging van de noodzaak van de 30%-regeling en gaan er nu op stemmen. Dat om het ‘begrotingstekort’ door het kerstarrest te verminderen. Daarbij zou het helpen om de 30%-regeling af te schaffen.

Zij beweren dat er door deze regeling een onterecht verschil is tussen ingekomen en uitgezonden werknemers. Is deze ‘ongelijkheid’ echt een reden om de 30%-regeling af te schaffen?

De 30%-regeling – broodnodig

Er was tijdens de tweede wereldoorlog een groot tekort aan hoogopgeleid personeel en het tarief van de inkomstenbelasting was dan ook wel 70%. Niet een ideaal vestigingsklimaat dus. Na langdurige overleggen besloten de Belastingdienst en het bedrijfleven voor een gunstige regeling die hoogwaardig personeel zou aantrekken, om bij te dragen aan de wederopbouw van Nederland.

Het beraad resulteerde in de 40% regeling. Dat wilde zeggen dat 40% van het salaris, met maximum 40.000 gulden vrijgesteld werd van belasting door een aftrek. Vreemd genoeg wisten de meeste mensen hier niet van af. De regeling werd nooit gepubliceerd in een wet of resolutie bijvoorbeeld. In de loop der jaren heeft deze regeling verschillende wijzigingen ondergaan: zo is het naar een 35%-regeling gegaan in 1970, is het karakter van een aftrekregeling naar een vergoedingsregeling gewijzigd in 1992 en is het in de (loonbelasting)wet verankerd als de 30%-regeling en is de termijn nog van 8 jaar naar 5 jaar gewijzigd in 2019. Dit om de regeling doelmatiger te maken. Ondanks de extratorritiale kosten kan de werkgever door deze gunstige regeling wel 30% van het salaris belastingvrij uitkeren.

Maar naast die vrijstelling is er nog een groot voordeel voor de werknemer zelf. Er kan namelijk geopteerd worden voor de partieel buitenlandse belastingplicht. Op deze manier wordt alleen het box 1 inkomen belast als binnenlands belastingplichtige. Voor box 2 en box 3 wordt de werknemer belast als buitenlands belastingplichtig. Dat wil zeggen dat alleen eventuele onroerende zaken in NL, rechten op onroerende zaken in Nederland en winstrechten van Nederlandse ondernemingen opgegeven dienen te worden. Voorts kan de werkgever de internationale schoolgelden van de kinderen van werknemers belastingvrij vergoeden, kunnen de verhuiskosten en kosten voor het overbrengen van de boedel belastingvrij verstrekt worden. Ook kan een Nederlands rijbewijs makkelijker verstrekt worden.

Voor wie geldt de 30%-regeling ?

De 30%-regeling geld voor de ingezonden en uitgezonden werknemers. Bovendien kan de 30%-regeling ook toegepast worden bij bijvoorbeeld een DGA in dienst van de eigen BV; er moet sprake zijn van een dienstbetrekking.

Uitvoeringsbesluit Loonbelasting artikel 2:

Hier wordt onder verstaan:

  1. extraterritoriale werknemers: ingekomen werknemers en uitgezonden werknemers;
  2. ingekomen werknemer: door een inhoudingsplichtige uit een ander land aangeworven, of naar een inhoudingsplichtige gezonden werknemer in de zin van artikel 2 van de wet:

1°.met een specifieke deskundigheid die op de Nederlandse arbeidsmarkt niet of schaars aanwezig is; en

2°.die in meer dan tweederde van de periode van 24 maanden voorafgaand aan de aanvang van de tewerkstelling in Nederland woonachtig was op een afstand van meer dan 150 kilometer van de grens van Nederland exclusief de territoriale zee van Nederland en de exclusieve economische zone van het Koninkrijk, bedoeld in artikel 1 van de Rijkswet instelling exclusieve economische zone.

Hier kunnen we uit opmaken dat er voorwaarden zijn om de 30% regeling toe te passen:

  1. Er moet een werkgever aanwezig zijn; de inhoudsplichtige
  2. Deze heeft een werknemer in dienst;
    1. Deze is uit een anders land aangeworven
    2. Of deze is uitgezonden naar hem.

Verder moet de werknemer deskundig genoeg zijn. Dit wordt aangetoon door een salariscriterium en de werknemer dient wel 16 van de laatste 24 maanden op max 150 km afstand van de Nederlandse grens gewoond te hebben. Dit op het moment van het aanwerven. Er is vaak meningsverschil over deze criteria.

Hoezo zijn er tegenstanders van de 30%-regeling ?

Door 30% van het inkomen vrij te stellen wordt het verhuizen van de werknemer vergemakkelijkt. De 30%-regeling is een regeling zonder een ‘cap’, die door het salariscriterium wordt toebedeeld aan goedverdienende werknemers. Nu verschillen de meningen over de kosten van de verhuizing. Ook kunnen rijkere werknemers gebruik maken van deze regeling, voor wie de 30% niet noodzakelijk is. Sommige mensen vinden dat niet eerlijk, zoals de FNV. Deze vakbond vind het  ‘een excessieve compensatie voor met name de hogere inkomens’. En volgens FNV-bestuurder Amrit Sewgobind zorgt de regeling voor ongelijkheid op de arbeids- en woningmarkt door verdringing van Nederlandse werknemers en verhoging van de huizenprijzen. In het verleden heeft de FNV dit argument al naar voren doen komen vanwege de hoge werkloosheid, de 30% regeling zou als gevolg verdringing op de arbeidsmarkt hebben.

Afschaffen dus?

In 2018 zijn er talloze argument in het Wob-verzoek te vinden, die pleiten om het behoud van de 30%-regeling. ook uit de economische grondbeginselen kunnen we opmaken dat de 30%-regeling niet afgeschaft dient te worden:

  • Naar een nieuw, onbekend land verhuizen, dat is voor de meeste mensen een hele belevenis. Het gaat om de kennismaking met een nieuwe cultuur, omgangsvormen en bovendien kent de werknemer niemand. We moeten de gevolgen niet onderschatten. Het openen van een bankrekening bijvoorbeeld is een hele opgave door de huidige Wwft-verplichtingen. Zo kunnen bijvoorbeeld auto’s niet direct geleaset worden en sportclubs en huisartsen hebben wachtrijen. Kortom, het kost geld, tijd en moeite om te integreren in een nieuw land. Een hoop geregel komt erbij kijken. Hoe we kunnen helpen? De werkgever door een passend salaris en overige voordelen te verschaffen. En de overheid helpt door de 30%-regeling.
  • Internationale docenten naar Nederland halen; daarvoor hebben we de 30% regeling ook nodig;
  • In de onderwijs – en wetenschapssector is deze regeling nodig om uit beperkte publieke middelen een academisch salaris te kunnen verstrekken;
  • Aangezien de meeste werknemers best gehaast een onderkomen hebben moeten vinden leven zij ook in relatief dure huizen;
  • Als de 30%-regeling er niet is dan gaan de werknemers met talent ergens anders werken waar het belastingklimaat wel aantrekkelijk is;
  • Bij sommige pensioenvormen speelt pensioenvermogen een grote rol bij partiële buitenlandse belastingplicht;
  • Voor tech-bedrijven is de 30%-regeling van uiterst belang om een verleidelijk bod te doen aan werknemers;
  • De landen Ierland, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Spanje, Portugal, Italië, Oostenrijk, Griekenland, Cyprus, Finland, Zweden en Denemarken hebben net als ons ook een ‘expatregelng. Ook heeft België een regeling ingevoerd die veel in gemeen heeft met onze 30%-regeling;
  • Met een afschaffing van de 30%-regeling zou Nederland niet veel meer aantrekkelijks te bieden hebben voor inkomende werknemers. De verhoging van het toptarief van de vennootschapsbelasting, de invoering van doncitionele bronheffing op rentes en royalty’s , de strenge implementatei van ATAD 2  en de verhoging van het effectieve innovatiebox-tarief, zijn allemaal voorbeelden van strenge maatregelen die het vestigen in Nederland er niet makkelijker op maken;
  • De economische groei wordt eerder beperkt door protectionistische maatregelen dan leiden tot economische groei;
  • Als er door het afschaffen van de 30%-regeling minder hooggeschoold personeel naar Nederland komt dan zullen er ook minder belastingopbrengsten zijn. De afschaffing van de 30%-regeling zal niet tot het dichten van het begrotingsgat.

Nederland heeft veel hoogopgeleid personeel nodig, aangezien het geen lagelonenland is. Het is belangrijk dat goede internationale wetenschappers en docenten naar Nederland komen on te zorgen voor de ontwikkeling van de wetenschap en de studenten. En niet te vergeten; Nederland profiteert van de open grenzen en open handel. Ook profiteren we steeds meer van het start – en scale-up klimaat. Dit alles zou onder zo een afschaffing gaan lijden.

De tegenargumenten weerlegd!

Dialogic, Vleggeert en Van Schendel beweren dat de 30% regeling voor systematische overcompensatie. De Hoge Raad en de A-G zijn het hier echter niet mee eens. De regeling is juist van 40% en 35% naar de 30% gegaan om beter aan te sluiten bij de daadwerkelijke extraterritoriale kosten. De extraterritoriale kosten zijn gemiddeld 29% van de loonsom, waardoor een vrijstellingvan 30% gerechtvaardigt is, volgens een onderzoek van Dialogic.

Een ander argument is dat expats meer geld hebben waardoor de huizenprijs opgedreven is. Of dat nou klopt of niet, het zou maar één van de vele oorzaken zijn van de stijgende huizenprijzen.

De 30%-regeling – gewoon laten!

De 30%-regeling is van groot belang voor de Nederlandse economie- niet alleen vanwege de open economie, maar ook door het tekort aan technisch opgeleid personeel. Bovendien heeft de Nederlandse regering een reputatie gekregen als onvoorspelbaar en dat ze de wetgeving grillen. Wat Nederland een goed vestigingsland maakt, zijn de faciliteiten als de 30%-regeling, de goede infrastructuur, de Engels sprekende bevolking en bijvoorbeeld de innovatiebox. Het afschaffen van de 30%-regeling zou zonde zijn en de gevolgen moeten we niet onderschatten.  Natuurlijk dient de ontbering van emigratie serieus genomen te worden.

Bij steeds meer banken is tegenwoordig sprake van een negatieve spaarrente, al vanaf € 100.000 op de spaarrekening. U krijgt dus geen rente meer over uw geld op de spaarrekening, maar moet juist een bepaald percentage betalen over uw spaargeld voor het stallen van uw geld bij de bank. Er zijn diverse manieren om negatieve spaarrente te voorkomen.

  1. De meest bekende: extra rekeningen openen: bij sommige banken kunt u bij één bank meerdere rekeningen hebben en worden de rekeningen niet bij elkaar opgeteld. Bij andere banken worden de bedragen op verschillende rekeningen bij één bank wel bij elkaar opgeteld. Uw spaargeld spreiden over meerdere rekeningen kan lastig zijn, omdat de banken niet meer zo makkelijk een nieuwe rekening voor u openen. Zeker nu steeds meer mensen gebruik willen maken van deze oplossing.
  2. Beleggen: u kunt uw geld ook beleggen; spreiden over veel verschillende investeringen is dan raadzaam, evenals het inschakelen van een goede financieel adviseur. Deze kan afhankelijk van uw gewenste risico niveau de juiste investeringen voor u uitzoeken en regelen;
  3. Renteloze lening aan uw kind verschaffen: u stalt uw geld tot maximaal € 100.000 op de spaarrekening van uw kind. Sluit wel een schriftelijke leningsovereenkomst af waarin u aangeeft dat de lening bedoeld is om negatieve rente bij de bank te voorkomen en dat u het geld altijd direct weer op kunt eisen. Extra optie: Indien u uw kind dan als tegemoetkoming het bedrag aan bespaarde negatieve rente betaalt is dit voor uw kind belastingvrij. Leg dit ‘rentebedrag’ vast in de leningsovereenkomst. Zie ook familiebank;
  4. Lening aan uw eigen BV: heeft u nog ruimte op de bankrekening(en) van uw BV? Leen dan uw privévermogen uit aan uw BV. Voorwaarde is wel dat u de BV meer rente betaalt dan de bank aan de BV in rekening brengt. Uw BV maakt dan ‘winst’ en er is sprake van zakelijk handelen. U kunt de door u aan de BV betaalde rente aftrekken in box 1 op basis van de terbeschikkingstellingsregeling. Ook in dit geval moet u dit in een leningsovereenkomst vastleggen;
  5. Lening van uw BV aan u: Heeft u juist nog ruimte op uw privé rekening, terwijl uw BV rente moet betalen aan de bank? Leen dan geld van uw BV. De BV moet dan wel in plaats van aan de bank aan u rente vergoeden. Deze rente is voor uw BV aftrekbaar. U heeft dan wel een ‘schuld’ bij uw BV maar ontvangt onbelast rente die bovendien voor uw BV aftrekbaar is. Uw banksaldo in box 3 neemt dan wel toe, maar uw schuld ook, dus per saldo wordt er (bijna) niets belast.
  6. OFGR oprichten: indien het om een aanzienlijk vermogen gaat, is het oprichten van een Fonds voor Gemene Rekening (OFGR) ook een optie om negatieve spaarrente en hoge box-3 heffing te voorkomen. Hierbij wordt namelijk uitgegaan van het daadwerkelijke rendement in plaats van de box-3 heffing waarbij men een vaak ongunstig fictief rendement rekent.
  7. Mocht u reeds voornemens zijn om een schenking te doen aan uw kind(eren), dan is de negatieve spaarrente mogelijk een duwtje in de rug. U zou dan mogelijk gebruik kunnen maken van de belastingvrije schenking voor een koopwoning.
  8. Een zogenaamde ‘Inventieve constructie’ in het buitenland om uw vermogen te verhullen: deze methode is regelrechte belastingontduiking en mogelijk strafbaar. De fiscus is hier zeer alert op en heeft een speciaal programma ‘Verhuld vermogen’ waarmee in 2020 190 miljoen aan alsnog opgelegde belastingen, boetes en rente werd binnengehaald. Laat u dus niet verleiden door malafide adviseurs die u willen overhalen tot een dergelijke illegale constructie.

Bezit u box 3 vermogen boven € 100.000? Wij kijken graag met u naar fiscale mogelijkheden om te voorkomen dat u negatieve rente betaalt over een spaarrekening.

Heeft u recent of in het verleden vermogen niet aangegeven bij de fiscus? Bent u in zee gegaan met een adviseur die voor u (zoals hierboven beschreven) een inventieve constructie heeft opgezet? U wilt schoon schip maken? Wij begeleiden u vanuit onze jarenlange ervaring graag.

In onze praktijk zien wij het regelmatig. Mensen die jarenlang regelmatig in het buitenland verbleven voor (seizoens)werk, bijvoorbeeld in de recreatieve sector, of daar een huisje hebben dat ze ook verhuren. Het geld dat ze daarmee verdienden, hebben ze in het betreffende land op een spaarrekening gezet, ieder jaar een beetje.

Buitenlandse rekening in aangifte

Uiteindelijk staat daar dan toch een behoorlijk bedrag op. Het idee is vaak om dit later te gebruiken als appeltje voor de dorst in Nederland of om op te kunnen nemen als men naar dit land gaat emigreren of langere tijd daar verblijft. In veel gevallen komt het gewoon echt niet in hen op om dit verdiende en gespaarde geld of de buitenlandse woning aan te geven bij de Nederlandse belastingdienst. Groot is de verrassing (lees: teleurstelling) dan ook indien opeens de buitenlandse rekening vermeld staat in de vooraf ingevulde aangifte. Door de steeds intensievere informatie-uitwisseling tussen steeds meer landen, komen deze gegevens beschikbaar voor de Nederlandse belastingdienst.

Voorbeeld

Een voorbeeld is dat van een dame die jarenlang excursies verzorgde in het buitenland. Het geld dat ze daar verdiende, zette zij op een lokale rekening. Zij was reeds met de werkzaamheden gestopt, toen deze rekening recent alsnog opdook in de vooraf ingevulde aangifte. In haar geval geldt dit als box 1 inkomen, omdat het met arbeid is verdiend. Ze geeft aan dat in het betreffende land al inkomstenbelasting is ingehouden, maar er is nauwelijks iets beschikbaar aan salarisstroken etc. waardoor niet te bewijzen valt dat zij daar reeds inkomstenbelasting betaald heeft. Dit betekent dat zij zowel box 3 als box 1 belasting met rente zal moeten betalen, alsmede een boete. Helaas zal er dan niet veel overblijven van het gespaarde geld. In haar geval is het extra schrijnend dat zij in het in het land waar zij excursies verzorgde regelmatig geld schonk aan een weesjongen die zij had leren kennen. De fiscus ziet dit als schenking en er zal dus ook  achteraf schenkbelasting moeten worden betaald tegen het hoogste tarief aangezien het niet om eigen familie gaat.

Indien een buitenlandse rekening vermeld staat, valt er maar 1 ding te doen; actief meewerken en zo snel mogelijk openheid van zaken geven. Alhoewel het dan niet echt meer om inkeren gaat (de fiscus is immers reeds op de hoogte van de rekening), wordt medewerking gezien als een reden voor een lagere boete.

Wij adviseren u graag indien u in een dergelijke situatie zit.

JC Suurmond